Eerste resultaten aanvullende remcontroles tijdens periodieke keuring bekend

Voortschrijdend inzicht geeft aan dat bij liften van vóór 2012, voorzien van een snelheidsregeling, een verminderde of falende werking van de rem zich niet of onvoldoende openbaart. Dit kan uiteindelijk en plotseling leiden tot een ongecontroleerde beweging van de lift. Op basis van een Schema-Interpretatie door SBCL is Liftinstituut gestart met een aanvullende controle hierop tijdens de periodieke keuring.
13-12-2017

Dertien senior inspecteurs zijn op 30 oktober gestart met deze controles. Hun ondervindingen op een rij:

> Bij 0,2% van deze keuringen functioneerden de remcontrolecontacten niet juist.
De inspecteur verwoordt dit in opmerking MA49: "De remcontrolecontacten functioneren niet juist, waardoor een verhoogd risico bestaat op een ongecontroleerde beweging van de lift. Conform de SBCL Schema-Interpretatie SI 15 wordt hiervan melding gemaakt in het keuringsrapport. Dit heeft geen gevolgen voor het afgeven van het certificaat."

> Bij 4,3% van deze keuringen overschreed de aandrijfkracht van de liftmachine de beschikbare remkracht. 
De inspecteur verwoordt dit in opmerking MA50. "De aandrijfkracht van de liftmachine overschrijdt de beschikbare remkracht, waardoor een verhoogd risico bestaat op een ongecontroleerde beweging van de lift. Conform de SBCL Schema-Interpretatie SI15 wordt hiervan melding gemaakt in het keuringsrapport. Dit heeft geen gevolgen voor het afgeven van het certificaat."

> Bij 0,7% van deze keuringen kon de aanvullende remcontrole niet worden uitgevoerd.
De inspecteur verwoordt dit in opmerking MA51. "De aanvullende test van de machinerem conform de SBCL Schema-Interpretatie SI 15 kon niet worden uitgevoerd. Dit heeft geen gevolgen voor het afgeven van het certificaat. Bij de volgende keuring moeten voldoende instructies beschikbaar zijn om deze aanvullende test alsnog te kunnen uitvoeren. Uw onderhoudsbedrijf kan u hierover informeren." Het niet doorgaan van de test heeft in het algemeen als reden dat ter plaatse nog instructies ontbreken hoe de test bij de specifieke lift kan worden uitgevoerd. Ook kan het zo zijn dat het onmogelijk is om de test  zonder aanpassingen veilig uit te voeren, bijvoorbeeld omdat de inspecteur voor de test op het kooidak moet staan.

> Bij de overige 94,8% van deze keuringen kon de test wel worden uitgevoerd en werden geen onvolkomenheden tijdens remcontrole geconstateerd. 

Conclusie: aanvullende remcontrole is zinvol

Op basis van de eerste aanvullende remcontroles kan Liftinstituut concluderen dat de aanvullende controles hun nut hebben. Herstel van een goede werking en van de remcontrolecontacten en het juist afstellen van de snelheidregeling en/of remmen kan veel narigheid voorkomen.

Belangrijke veiligheidswaarschuwing van Liftinstituut

Overschrijdt de aandrijfkracht van de liftmachine de beschikbare remkracht (opmerking MA50)? En is gebleken dat de lift blijvend in beweging kan worden gebracht bij niet gelichte rem? Dan geldt de volgende veiligheidswaarschuwing van Liftinstituut: pas op met het strakker afstellen van de remmen. Want hoe strakker de rem wordt afgesteld, hoe groter het risico wordt dat de rem onvoldoende gelicht wordt door de remmagneet of -magneten! Dit kan juist remfalen tot gevolg hebben, met alle gevolgen van dien. Als er toch afstelling van de rem plaatsvindt, controleer dan na afstelling nauwgezet dat de remveren niet doodgedrukt worden en dat de rem nog volledig en betrouwbaar wordt gelicht tijdens de rit.