Workshops rond Duurzaam Liftbeheer
In de serie workshops ‘duurzaam liftbeheer' was het in november de beurt aan de lifttechnische adviesbureaus en de liftbedrijven. Hen werden lezingen voorgeschoteld over energiebesparende maatregelen bij liften, over de BREEAM meetmethodiek voor de duurzaamheid van nieuwe- en bestaande gebouwen en over een duurzaam veiligheidsbeleid rond liften.
Het waren echt workshops, waar de meeste deelnemers die kennis en ervaring rond het onderwerp hebben opgebouwd, die ook met elkaar deelden. Bob Kolkman (specialist energiemetingen Liftinstituut) legde uit waar bij liften en bij randvoorzieningen (zoals verwarming, ventilatie en verlichting) energie verbruikt wordt en waar besparingsmogelijkheden liggen. Alles gebaseerd op de vele metingen die hij inmiddels namens het Liftinstituut heeft uitgevoerd. Voor eigenaren en beheerders heeft een duurzaam beleid nog niet de hoogste prioriteit. De liftadviseurs toonden zich echter erg betrokken evenals de op de workshop aanwezige medewerkers van liftbedrijven. Iets wat ook zichtbaar was in de grote opkomst.
Focus op energiebesparing
Een aantal malen kwam de vraag naar voren waarom er zoveel nadruk ligt op energiebesparing. Natuurlijk veroorzaakt energieopwekking CO2-uitstoot en zijn hiervoor grondstoffen nodig die niet onuitputtelijk aanwezig zijn. Maar duurzaamheid in de liftenbranche is ook duurzaam produceren, en zodanig bouwen dat liften lang meegaan en onderhoudsarm zijn. Dit werd ook tijdens de presentaties onderbouwd met een voorbeeld. Hieruit bleek dat je een lift 23 dagen kunt laten rijden op de energie die verbruikt wordt voor het oplossen van een gemiddelde storing. En dat een lift die storingsvrij loopt al snel 20% duurzamer in de exploitatie is. Daartegenover werd duidelijk dat de meerkosten voor duurzaamheid bij liften met name door besparing op energiekosten terugverdiend moeten worden.
