Naar aanleiding van ongevallen door beknelling tussen de roltraptrede en balustradesokkel is er een voorziening ontwikkeld om dat risico te verminderen, de sokkelborstel of “skirt deflector“.
Met name in Engeland bleken, voor de opname van sokkelborstels in de norm, goede ervaringen te zijn opgedaan met het aanbrengen van deze sokkelborstels. De borstels worden gemonteerd op de balustradesokkel, vlak boven de raaklijn van de tredeneuzen (zie de foto), en zorgen ervoor dat de voeten van de roltrap-gebruiker op veilige afstand van de sokkelbeplating worden gehouden.
Deze goede ervaringen hebben er uiteindelijk toe geleid dat de sokkelborstels als aanvullende veiligheidsvoorziening is opgenomen in de normen voor roltrappen. Voor nieuwe roltrappen betreft het dan paragraaf 5.5.3.4c van de norm EN115-1 2017.
De sokkelborstels zijn een van de maatregelen om beknelling tussen trede en sokkel te voorkomen. De andere maatregelen zijn een nauwe maatvoering tussen treden en sokkel, namelijk een spleet van maximaal 4 mm tussen trede en sokkel en maximaal 7 mm voor de spleten links en rechts bij elkaar opgeteld én een voldoende stevige sokkelbeplating.
SOKKELBORSTEL VERPLICHT?
Veelvuldig wordt de vraag gesteld: “Is het nu verplicht om de sokkelborstels op roltrappen aan te brengen?” Het antwoord is: “Het is verplicht bij nieuwe roltrappen”. Er is geen wetgeving die oplegt dat deze borstels achteraf moeten worden aangebracht
Overigens mag een fabrikant iedere doeltreffende andere oplossing kiezen om het risico op beknelling af te dekken. Dat hoeft dus niet per definitie de sokkelborstel te zijn. Als de uiteindelijke oplossing maar leidt tot het veiligheidsniveau zoals de EN 115-1 voorschrijft.